|
Wapencheck
en veiligheid (op meerdaagse evenementen)
Levend
Rollenspel is een leuk, fantasievol en actief spel in de open lucht. Het is
geenszins de bedoeling dat deelname aan dit spel leidt tot echte verwondingen.
Om geslaagde evenementen met veel deelnemers mogelijk te maken, zijn er
bepaalde veiligheidsregels die in acht genomen moeten worden. Deze worden
hieronder verklaard. Je wordt vriendelijk verzocht alles goed door te lezen.
Veiligheid is immers iets wat ons allemaal aangaat.
Eigen verantwoordelijkheid
Als deelnemer aan onze Levend
Rollenspel-evenementen ben je ten alle tijden zelf verantwoordelijk voor de
wapens die je gebruikt. Dit betekent dat je er zelf voor moet zorgen dat de
wapens die je gebruikt geen schade (kunnen) toebrengen aan andere mensen en
wapens. Dit doe je door aan het begin van een evenement en regelmatig tijdens
het evenement je wapens te controleren op veiligheid. Hoe je dit precies doet,
wordt beschreven in (Hoe check je een
wapen?).
Incheck, zichtcontole en steekproeven
Aan
het begin van een evenement moet elke speler en figurant zich inchecken. Je
neemt al je wapens en uitrusting mee naar de incheck. Hier vindt een
zichtcontole plaats. Dit betekent dat je je wapens laat zien en dat de
organisatie kort kijkt of er zichtbare mankementen zijn. Dit is dus een zeer
oppervlakkige controle en geeft absoluut geen veiligheidsgaranties. De
organisatie is dan ook niet verantwoordelijk voor de veiligheid van de wapens,
dat ben jij zelf. Steekproefsgewijs worden er enkele wapens uitgepikt, die
uitgebreider gekeurd worden op veiligheid. Zelfgemaakte wapens moet je altijd
laten keuren bij incheck. Ook dit geeft geen veiligheidsgaranties, zoals
hierboven uitgelegd. De organisatie kan je wapen afkeuren, maar zal altijd
moeten kunnen verklaren waarom het is afgekeurd en of er eventueel iets gedaan
kan worden om het wapen alsnog goedgekeurd te laten worden. Het is ten
strengste verboden een afgekeurd wapen te gebruiken in het spel. Vaker zal de
organisatie een aandachtspunt meegeven.
Als de organisatie bijvoorbeeld constateert dat een bepaald wapen wel
erg hard is, kan ze dit aangeven. De keus is dan aan jou of je het wapen laat
liggen, of dat je het gebruikt maar heel voorzichtig en niet te hard slaat. Ter
afsluiting van de incheck zet je een handtekening op je personageformulier,
waarmee je verklaart dat je al je wapens hebt laten zien en dat je zelf
verantwoordelijk bent voor het gebruik ervan.
De
reden dat er bij de incheck alleen maar een oppervlakkige zichtcontrole
plaatsvindt en enkele steekproeven, is dat we erkennen dat een wapencheck
slechts een momentopname is. Een wapen dat bij de incheck helemaal in orde is,
kan na één of twee grote gevechten ineens onveilig zijn. Wij als organisatie
kunnen dit niet in de gaten houden, maar jijzelf wel. Daarom ben je zelf ten
allen tijden verantwoordelijk voor de wapens die je gebruikt. Dit geldt ook
voor wapens die je van iemand anders leent. Gedurende het gehele evenement
blijf je dus met enige regelmaat je wapen checken op veiligheid en slijtage. Ook
de organisatie kan het gehele evenement lang steekproefsgewijs wapens checken.
Veilig vechten
Je
wapen kan nog zo veilig zijn, uiteindelijk komt het neer op hoe je ermee
omgaat. Daarom zijn er enkele basisregels van veilig vechten.
Algemeen
- Houdt
je slag in, sla dus niet met volle kracht. Het gaat er niet om hoe hard je je
tegenstander raakt, maar dat je hem raakt.
- Je
mag nooit steken met je wapen.
- Sla
niet op het hoofd, de nek of in het kruis van je tegenstander.
- Sla
niet bovenhands. Dat wil zeggen dat je niet het zwaard van hoog boven je hoofd
naar beneden mag zwaaien. Door de zwaartekracht komt zo’n slag vaak harder aan
dan bedoeld en je loopt ook nog eens een groot risico iemand op het hoofd te
raken.
- Haal
nooit een wapen in een snijdende beweging langs iemands huid, dit veroorzaakt
striemen.
- Houdt
de omgeving waar je vecht in de gaten om blessures en valpartijen te voorkomen
en verplaats desnoods het gevecht naar een veiliger omgeving.
- Als
je vecht in het donker of bij schemerlicht, vecht dan in slow-motion. In het
donker zie je een wapen pas veel later aankomen en heb je minder tijd om te
reageren. Zoek desnoods een plek op waar (meer) licht is.
- Wees
sportief, het gaat tenslotte om de lol en niet om het winnen.
- Zie
voor informatie
over het uitspelen van
verwondingen hoofdstuk 11 van het GNS-regelsysteem.
Pijl
en boog
- Bogen
mogen maximaal een trekkracht hebben van 25 pond hebben, te meten met een
veer-unster. Dit moet je laten controleren bij incheck op elk evenement.
- Binnen een afstand van 8 meter mag je niet met volle
kracht schieten, omdat de pijl anders te hard aankomt.
- Het
is niet toegestaan om ’s nachts te schieten, omdat je een pijl in het donker
niet kan zien aankomen, wat veiligheidsrisico’s met zich meebrengt.
- Sla
nooit een pijl uit de lucht. Deze kan dan breken of van richting veranderen,
waardoor hij heel verkeerd terecht kan komen en daadwerkelijk mensen kan
verwonden. Bovendien zijn pijlen duur.
- Zie
voor verdere regels over pijl en boog hoofdstuk 11.1 van het GNS-regelsysteem.
Schilden
- Schilden
zijn in de eerste plaats bedoeld om slagen af te weren, niet om mee te slaan of
te beuken.
- Alleen
met schilden die geheel van schuim zijn gemaakt (en dus geen harde kern
bevatten) mag je ook tegenstanders wegduwen.
- Denk
aan de regels over mooi rollenspel met schilden, zie hoofdstuk 11.5 van het GNS-regelsysteem.
Werpwapens
- Werpwapens zijn (doorgaans kleine) wapens die
geen kern bevatten. Je kan ze dubbelvouwen. Ze zijn heel licht en komen niet
hard aan. Wapens met een kern erin, mag je nooit mee gooien!
- Werpwapens
zijn bedoel om mee te gooien. Let echter wel op als je gooit. Richt dus niet op
hoofd of kruis.
Hoe check je een wapen?
Voer
voor elk evenement en regelmatig tijdens het evenement een wapencheck uit op je
wapens. Zo ontdek je mankementen zo snel mogelijk. Kleine beschadigingen kunnen
vaak nog gerepareerd worden, mits ze op tijd ontdekt worden. Bij twijfel over
de veiligheid van je wapen, kan je altijd iemand van de organisatie raadplegen
of langskomen in de winkel. Dit geldt ook voor advies over
reparatiemogelijkheden.
Een
wapencheck voer je als volgt uit: (m.u.v. bogen, pijlen en
schilden)
|
-
|
Pak
het wapen aan de kop met de hele hand vast en houd het aan je oor. Draai het
wapen een klein beetje naar links en rechts, zonder het te forceren of veel
kracht te zetten. Als je 'gekraak' hoort, dan is hoogst waarschijnlijk de
kern niet goed verlijmd met het schuim. Verder voel je dan ook dat het schuim
los zit van de kern.
|
|
|
Waarom:
Als de kern los zit, is er een kans dat de kern (bijna altijd glasfiber) door
het schuim heen komt en wellicht iemand verwondt. Dit is niet of moeilijk te
repareren.
|
|
-
|
Druk
de punt van het wapen met je duim naar de zijkant, bij beide kanten. Je kunt
nu gemakkelijk voelen of de punt vast zit aan de rest van het wapen.
|
|
|
Waarom:
Als de punt van het wapen los zit, heb je meer kans dat je de kern kan voelen
of dat deze er zelfs doorheen komt. Het kan zijn dan met een slag de gehele
kop van het wapen af komt, waardoor de kern uitsteekt en iemand kan verwonden
of iets kan beschadigen. Dit is niet of moeilijk te repareren.
|
|
-
|
Voel
aan de pommel (achterkant van het wapen) of je de kern van het wapen
gemakkelijk kan voelen.
|
|
|
Waarom:
Als iemand per ongeluk met de pommel iemand raakt, dan kan deze erg hard
aankomen en pijn doen. In het ergste geval kan de kern er doorheen komen. Dit
is redelijk simpel te repareren door er een nieuwe pommel op te maken.
|
|
-
|
Voel
aan de pommel en/of de kop (bijlen/hamers) of deze goed vast zit aan het
wapen.
|
|
|
Waarom:
als de pommel of de kop loskomt, kan de kern uit het wapen komen en iemand
bezeren. Dit is over het algemeen wel gemakkelijk te repareren als het om de
pommel gaat, de kop is een stuk lastiger.
|
|
-
|
Pak
het wapen vast en maak een slagbeweging waarbij je aan het eind van de slag
de slag inhoudt. Kijk hierbij of het wapen te ver door zwiept. Het wapen moet
erg zwiepen, wil het een risico vormen. Verwar het niet met trillen, dit is
namelijk geen probleem.
|
|
|
Waarom:
Als je een slagbeweging maakt en je houdt de beweging in, dan kan het wapen
door het zwiepen alsnog hard aankomen. Dit is verder niet gevaarlijk, maar
kan wel goed pijn doen. Dit is helaas niet te repareren, het betekent vaak
dat er of dikker schuim of een dikkere kern in moet.
|
|
-
|
Druk
licht op het schuim van het wapen om te kijken of dit ergens te hard is of
harde stukken bevat. Dit kan zowel in het schuim zitten als in de lijm- en
latexlaag die er overheen zit. Het is niet erg als het hard is bij het
handvat, hier raak je niemand mee.
|
|
|
Waarom:
Als je met een hard wapen iemand raakt, kan dit pijnlijk zijn. Hard latex is te repareren door de hele latexlaag te
verwijderen en nieuw latex aan te brengen. Hard schuim is vrijwel niet te
repareren.
|
|
-
|
Tot
slot test je het wapen nog eens door deze op een normale manier op je eigen arm
of been te slaan.
|
|
|
Waarom:
Soms kan het zijn dat een wapen juist harder of zachter aankomt dan je
aanvankelijk zou denken.
|
|
-
|
Kijk
of het wapen geen scherpe randen of punten heeft (bijvoorbeeld iets wat erop
is geplakt ter versiering).
|
|
|
Waarom: Als er iets hards op
het wapen zit, kunnen andere wapens daardoor beschadigd raken.
|
Schilden
-
Schilden moeten bedekt zijn met schuim of
ander zacht materiaal aan de zijkanten en de voorkant. De voorkant mag niet
meer keihard zijn, aan de zijkanten mag de kern van het schild (bijvoorbeeld
hout) bijna niet meer voelbaar zijn. De achterkant van het schild, dus het
gedeelte dat je naar je toedraagt, hoeft niet afgedekt te zijn.
-
Verder moeten alle uitstekende delen,
scherpe hoeken en versieringen goed afgedekt zijn mijn schuim, zodat ze geen
schade kunnen toebrengen aan anderen of wapens. Dit geldt ook voor ruwe
oppervlakten die ook wapens kunnen beschadigen.
-
Schilden zijn bij voorkeur helemaal van
schuim gemaakt. Alleen dan mag je er ook tegenstanders mee wegduwen.
Pijlen
-
Pijlen bestaan uit een kop van schuim, een
schacht en een flight (veertjes, rubbertje).
-
Controleer na of voor elke keer schieten of
de kop goed vastzit aan de schacht. Als de kop eraf valt of de schacht door de
kop heen steekt, vliegt er een levensgevaarlijke pijl rond die mensen ernstig
kan verwonden.
-
Controleer de schacht op breuken, splinters
en andere beschadigingen. Breekt de pijl in de vlucht doormidden, dan vliegen
er ineens twee projectielen door de lucht, waarvan één met een scherpe punt.
-
Controleer of de veertjes/rubbertjes aan
het einde van de schacht nog goed vast zitten en heel zijn. Deze geven de pijl
stabiliteit in de lucht. Zonder de flights, kan een pijl een andere baan
vliegen dan bedoeld en daarmee heel verkeerd terechtkomen.
Werpwapens/
munitie belegeringswapens
-
Werpwapens en munitie van belegeringswapens
mogen geen (voelbare) kern bevatten en moeten heel licht zijn. Ze vliegen vaak
een onberekenbare baan en mogen daarom geen schade kunnen aanrichten als ze
(bijvoorbeeld op iemands hoofd) terechtkomen.
-
Test
ook of de werpwapens en de munitie niet te hard aankomen. Ze mogen ook niet zo
klein zijn dat ze gemakkelijk in iemands oog belanden.
-
Ze mogen geen harde uitsteeksels en
versieringen hebben.
-
Munitie moet groot genoeg zijn, zodat je ze
gemakkelijk kan zien aankomen en zodat ze ook gemakkelijk op te rapen en te
verzamelen zijn.
Wapens met
schakels/kettingen
-
Wapens met schakels of kettingen, zoals
bijvoorbeeld een morgenster of een vlegel, moeten aan strenge eisen voldoen,
willen ze goedgekeurd worden. Laat ze altijd checken bij de incheck.
-
De ketting of de schakels moeten zacht
zijn, bij voorkeur van schuim en mogen geen striemen achterlaten.
-
De ketting of schakels mogen niet zo lang
zijn dat ze zich om iemands nek heen kunnen wikkelen.
-
Helemaal met dit soort wapens is bovenhands
slaan uit den boze, omdat dan nog minder controleerbaar wordt waar en hoe ze
neerkomen. Ook moet je bij deze wapens je slag extra inhouden, aangezien de
ketting/schakels het wapen extra kracht meegeeft.
Wapenrusting
-
Wapenrusting en hoeveel pantserpunten je
ervoor krijgt, moet altijd gecheckt worden bij de incheck.
-
Wapenrusting mag geen harde, uitstekende,
scherpe punten bevatten die gevaar kunnen opleveren voor anderen als je vecht.
Bij leren wapenrusting zal dit niet gauw het geval zijn, bij metaal eventueel
wel.
Grote bouwsels
- In het algemeen geldt: een belegeringswerktuig,
palissade of ander groot bouwsel kan alleen op
het evenement op veiligheid getest en (eventueel) toegelaten worden. We kunnen
alleen basisinformatie over de bouw en bediening geven. Stuur altijd een
opzet naar gnsevents@gmail.com. De definitieve keuring vindt op het evenement
zelf plaats.
Belegeringswapens
Gebruik
- Alleen personen die les hebben gehad in het
afvuren van het wapen, mogen het wapen bedienen en alleen onder supervisie van
de verantwoordelijke (bouwer/eigenaar) van het wapen.
- Zodra er strijders binnen 5 meter van het
apparaat komen, mag het niet meer gebruikt worden en moet het apparaat
ontspannen/ontwapend worden.
- Het apparaat mag niet gespannen/bewapend vervoerd
worden.
- Het apparaat mag op het (slag)veld niet sneller
bewegen dan loopsnelheid.
Algemene bouwtips
- Er mogen geen scherpe kanten, hoeken of punten,
uitstekende schroeven, bouten of spijkers aanwezig zijn.
- Alle delen moeten zodanig zijn bevestigd dat ze
niet los kunnen schieten.
- Alle delen moeten van een dermate grootte en
sterkte zijn dat onder geen enkele omstandigheid, bij normaal gebruik, gevaar
bestaat dat een van de delen breekt of op een andere manier kapot gaat, zodat
er gevaar kan ontstaan voor personen (vliegende splinters, wegvliegende
werparmen, rondzwiepende touwen enzovoort).
- Er mogen geen milieubelastende (vloei)stoffen
gebruikt worden (olie, brandstof en dergelijke).
Constructie vereisten
- Er mag geen mogelijkheid bestaan tot het
beklemmen of afsnijden van ledematen, in het bijzonder bij grote apparaten met
lange werparmen, omdat deze door hefboomwerking een zeer grote kracht kunnen
ontwikkelen. Zulke punten moeten afgedekt of afgeschermd zijn of op een
zodanige hoogte zitten dat deze buiten reikwijdte zijn.
- Er mogen geen slingerende onderdelen
(bijvoorbeeld touwen bij een trebuchet) binnen reikwijdte van personen zitten.
Deze moeten minstens op een hoogte van 2.5 meter zitten, en deze moeten zacht
zijn.
- Alle regels voor geschut gelden ook voor
belegeringswapens.
- Wanneer het apparaat in bedrijf is, moet het te
zekeren (vast te zetten) zijn, bijvoorbeeld door een hefboom of grendel.
- Wanneer het apparaat niet gebruikt wordt, moet
het zijn afgesloten (fietsslot of iets dergelijks) om gebruik door derden te
voorkomen.
- Projectielen moeten zodanig zijn gemaakt en
samengesteld dat zij niemand kunnen verwonden en gemakkelijk ingezameld kunnen
worden.
De volgende wapens worden niet toegelaten op onze
evenementen:
- Wapens en belegeringswerktuigen die buskruit
gebruiken om een projectiel af te schieten.
- Groot geschut en belegeringswerktuigen die
projectielen afvuren die een kern bevatten.
Palissaden en grote, stationaire bouwsels
Algemene bouwtips:
- Er mogen geen scherpe kanten, hoeken of punten,
uitstekende schroeven, bouten of spijkers
aanwezig zijn.
- Alle delen moeten zodanig zijn bevestigd dat ze
niet los kunnen schieten.
- Alle delen moeten van een dermate grootte en
sterkte zijn dat onder geen enkele omstandigheid, bij normaal gebruik, gevaar
bestaat dat een van de delen breekt of op een andere manier kapot gaat, zodat
er gevaar kan ontstaan voor personen (vliegende splinters, omvallende muren,
etc.).
- Als er mensen op of in het bouwsel moeten kunnen,
zal de veiligheid extra streng getoetst worden. Het moet heel stevig en veilig
gebouwd zijn, wil dit toegestaan worden. Bovendien zullen er nadere regels
gegeven worden over hoeveel mensen er maximaal op of in mogen en hoe ermee
omgegaan moet worden.
– Het bouwsel mag geen schade aanbrengen aan het
landschap waar het staat. Gaten in
de grond
zijn zodoende niet toegestaan en bomen en takken e.d. mogen niet kapot
gemaakt
worden.
Constructievereisten:
- Vóór het bouwen van een palissade moet bij de
organisatie (tijdens de voorbereiding van het
evenement) één of meerdere verantwoordelijken aangemeld worden die ervoor zorg
dragen dat de palissade voldoet aan de veiligheidseisen, goedgekeurd wordt
aan het begin
van het evenement en na afloop van het evenement volledig ontmanteld wordt.
- Een palissade die aangelegd wordt over een
reddingsweg, moet op dat punt zodanig aangelegd zijn dat de palissade
gemakkelijk en snel te openen is over een minimale breedte van 4 meter. Dit
gedeelte van de palissade moet van binnen en buiten het kamp vrij toegankelijk
zijn.
- Een palissade moet zo opgericht zijn dat de
segmenten in delen neergelegd kunnen worden, dit
om doorgebroken stukken muur uit te beelden.
|